IK WORD VERDACHT VAN FRAUDE

Als je wordt verdacht van fraude kan dat een enorme impact hebben op je studievoortgang, helemaal als het onterecht is. Het is van groot belang om te weten hoe de procedure in elkaar zit. Hieronder zijn vijf fasen van het proces uitgelegd. De juristen van Van Vliet ELS kunnen je op elk gewenst moment binnen de procedure gaan bijstaan. Ook voor vragen en advies zijn wij bereikbaar op info@vanvliet-els.nl.


Fase 1: Het gesprek met de examencommissie

Het kan voorkomen dat je ineens een bericht krijgt van de examencommissie dat je wordt verdacht van fraude, plagiaat of een onregelmatigheid. Je krijgt dan, als het goed is, een uitnodiging om op gesprek te komen. Het is belangrijk om te weten dat je tijdens dit gesprek eigenlijk wordt 'verhoord' met het oog om je wellicht een sanctie op te leggen. Dat betekent dat je als student niet verplicht bent om mee te werken en het zogeheten 'zwijgrecht' hebt. De examencommissie wijst studenten vaak niet op hun zwijgrecht, waardoor je als student vaak veel meer informatie geeft dan dat goed voor jou is. Het kan dus fijn zijn om je tijdens dit gesprek te laten bijstaan door een jurist van Van Vliet ELS.


Fase 2: Beroep instellen CBE/COBEX 

Naar afloop van het gesprek met jou en de examencommissie, gaat de examencommissie vergaderen en bepaalt zij of je een sanctie krijgt. Vaak is dat het geval en mag je een lange periode geen onderwijs meer volgen en geen tentamens afleggen. Dat heeft vaak grote gevolgen voor de student en is vaak zelfs onterecht. Tegen dit besluit van de examencommissie kan je in (administratief) beroep gaan. Dat houdt in dat je het besluit ter beoordeling voorlegt aan het College van Beroep voor de Examens (CBE/COBEX). Je gaat in beroep door een brief (beroepschrift) naar het CBE te sturen met daarin jouw argumenten waarom je het niet eens bent met de beslissing van de examencommissie. Het CBE bestaat uit drie of vijf leden (vaak een rechter met een docent-lid en een student-lid) en is een onafhankelijk orgaan van de instelling. Zij gaat kijken of de examencommissie terecht tot hun besluit heeft mogen komen. Van belang is dat de examencommissie een besluit heeft genomen in het kader van het zogeheten 'punitieve bestuursrecht'. Dat betekent dat de Algemene wet bestuursrecht van groot belang is. Als student ben je hiervan vaak niet op de hoogte, zodat vaak belangrijke juridische argumenten niet worden ingebracht. Om je kans te vergroten is het van belang om je beroepschrift te laten opstellen door een jurist van Van Vliet ELS.


Fase 3: Minnelijke schikkingsgesprek

Voordat het CBE inhoudelijk naar je brief gaat kijken, stuurt zij deze eerst naar de examencommissie toe met de opdracht om jou uit te nodigen voor een minnelijk schikkingsgesprek. Dat is wettelijk verplicht en houdt in dat de examencommissie moet kijken of zij samen met jou eruit kan komen. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat de examencommissie de duur van de straf wat inkort. In de meeste gevallen levert dit gesprek niets op en zal de examencommissie bij haar standpunt blijven. Dit wordt dan doorgegeven aan het CBE waarna de zitting wordt voorbereid.


Fase 4: De zitting bij het CBE

Het CBE plant een zittingsdatum waarop jouw brief en het besluit van de examencommissie behandeld gaan worden, dat heet de zitting. Voorafgaand aan de zitting zal het CBE het zogeheten 'verweerschrift' van de examencommissie vragen. Dit is een brief van de examencommissie waarin ze hun besluit nog eens nader toelichten. Deze wordt ook naar jou toegestuurd en bevat extra argumenten van de examencommissie. Ook zal zij een poging doen om de argumenten in jouw brief te ontkrachten. Op de zitting worden de argumenten uitgewisseld. Jij moet het CBE overtuigen, maar de examencommissie zal dat ook proberen. De voorzitter van de zitting opent en sluit de zitting. Een uitspraak volgt vaak binnen twee weken.


Fase 5: Hoger beroep bij het CBHO

Als je een uitspraak hebt ontvangen, kan het zo zijn dat de examencommissie in het gelijk wordt gesteld. Jouw beroep zal dan 'ongegrond' worden verklaard. Het kan ook zo zijn dat je, maar voor een deel gelijk krijgt. Dan is je beroep 'gedeeltelijk gegrond'. Het is goed voor te stellen dat je het hiermee oneens bent, helemaal als je onschuldig bent. In dat geval kan je in 'hoger beroep' bij het College van Beroep voor het Hoger Onderwijs (CBHO). Dit is de laatste instantie waar je heen kan gaan. Het CBHO is gevestigd in Den Haag en is onderdeel van de Raad van State (de hoogste bestuursrechter van Nederland). Het CBHO bestaat uit één of drie rechters die wederom naar jouw zaak gaan kijken. Indien je naar het CBHO zou willen gaan is het absoluut aan te raden om je te laten bijstaan door een jurist van Van Vliet ELS. 

 
 
 
E-mailen
LinkedIn